Dacapo's photos
Breda - Oude Baan
| |
|
Breda - Oude Baan
| |
|
|
Breda - Riethil
| |
|
|
Breda - Doornboslaan
| |
|
|
Tilburg - Stedekestraat
| |
|
J.C. en H.C. van Dijk
Eerste Nederlandse vogelkooienfabriek
Groothandel in vogels en dieren
Import Export
Breda - Winkelcentrum Hoge Vucht
| |
|
Hulten - Oude Baan
| |
|
|
|
Tilburg - Oude Rielse Baan
| |
|
|
|
Tilburg - Stedekestraat
| |
|
Tilburg - Elzenstraat
| |
|
Breda - Winkelcentrum Hoge Vucht
| |
|
Breda - Franciscuskerk
| |
|
|
|
De Sint-Fransicuskerk was een rooms-katholieke parochiekerk aan het Belgiëplein in de Bredase wijk Biesdonk. Het gebouw is ontworpen door S.F. Steeneken in een sobere modernistische stijl.
Het gebouwencomplex bestaat uit een zaalkerk, pastorie, en overige bijgebouwen (nu in gebruik als Gemeenschapshuis de Biesdonk), aan elkaar verbonden door een laag verbindingsstuk met entree en ontmoetingsruimte. De toren, voorzien van één enkele klok, staat midden tussen de verschillende bouwdelen in.
Op 24 februari 2024 werd de laatste kerkdienst gehouden in de grote kerkzaal van de Franciscuskerk. De vieringen vinden nu plaats in de voormalige ontmoetingsruimte, die is ingericht en ingewijd als kerkruimte. De voormalige grote kerkzaal is verhuurd aan de Gemeente Breda, die daar op 26 februari 2025 een bibliotheek voor de Hoge Vucht heeft geopend.
Dordrecht - Zicht op de Grote Kerk vanaf de Voorst…
| |
|
|
Dordrecht - Grotekerksbuurt
| |
|
|
Dodrecht - Kuipershaven
| |
|
Bokhoven - Heilige Antonius Abtkerk
| |
|
|
|
De Antonius Abtkerk is een laatgotische rooms-katholieke kerk te Bokhoven.
Bokhoven werd in 1369 tot zelfstandige parochiekerk verheven. Het patronaatsrecht lag toen in handen van de Abdij van Berne.
Het oudste deel, de toren, dateert uit de 15e eeuw. Later is er een traptoren bijgebouwd. Het gewelf van de toren rust op gebeeldhouwde kraagstenen.
Het schip van de kerk is gebouwd na de brand van 1498, toen de Gelderse troepen het dorp verwoestten. Iets later is de doopkapel gebouwd.
Het eenbeukige schip is voorzien van een dwarspand in 1610. Toen is ook het reeds aanwezige koor vergroot. In 1771 is een rococo stucgewelf boven het schip aangebracht, voorzien van emblemen. In 1835 vond een algehele restauratie van de kerk plaats.
In 1839 werd, mede om inkomsten te vergaren, een bedevaart naar de Heilige Cornelius ingesteld. Van deze heilige zijn enkele relieken aanwezig. In de kerk is voorts een 19e-eeuws bruin Corneliusbeeld dat vroeger gepolychromeerd was, en een staakbeeld uit 1840, dat vroeger in processies werd meegedragen, evenals een staakbeeld van Maria. Na een geleidelijke terugloop werd de laatste processie in 1967 gehouden en in 1971 werd de Broederschap van de Heilige Cornelius opgeheven.
Bokhoven - Kasteel van Bokhoven
| |
|
|
Het Kasteel van Bokhoven was een kasteel in Bokhoven, in de Nederlandse provincie Noord-Brabant. Het bevond zich aan de huidige Gravin Helenastraat 2.
De precieze datum van de stichting van het kasteel is niet bekend, maar ligt ergens in de 14e eeuw. Mogelijk omstreeks 1365 werd het gebouwd, toen de heerlijkheid Bokhoven een leen werd van het prinsbisdom Luik en zo een buffer vormde tussen het graafschap Holland, het hertogdom Brabant en het hertogdom Gelre. De bouw geschiedde mogelijk door Jan Oem van Arkel. Deze had de heerlijkheid van Arnoud van Herlaar gekocht. In 1392 werd door Jan Oem een kapel in het kasteel gesticht, wat de status ervan verhoogde.
In 1498 had het kasteel te lijden onder de Geldersen, nadat de toenmalige heer, Jan van der Aa, in de Gelderse Oorlogen partij voor de Habsburgers had gekozen. Aldus werd Jan door Maximiliaan van Oostenrijk bevorderd tot ridder in de Orde van het Gulden Vlies en in 1499 werd de heerlijkheid bevorderd tot baronie. De daaropvolgende jaren moesten er echter heel wat herstelwerkzaamheden aan het kasteel worden uitgevoerd. In 1540 overleed Jan van der Aa.
In 1570 kwam het kasteel aan het geslacht Van Immerzeel en in 1640 werd de baronie tot graafschap verheven en werd Engelbert II van Immerseel de eerste graaf. Hij overleed in 1652 en werd begraven in de kerk van Bokhoven. Het grafmonument van Engelbert II en zijn vrouw Hélène de Montmorency werd in 1650 vervaardigd door Artus Quellinus. Ondertussen bleef Bokhoven een onafhankelijke enclave binnen de Republiek der Verenigde Nederlanden. Het kasteel groeide uit tot een groot gebouw. Een inventarislijst uit 1624 laat zien dat alleen de voorburcht al 44 ruimten bevatte. Het kasteel bestond uit een zware donjon, een zaalgebouw van circa 5 x 9 meter, een binnenplaatsje met waterput en een aanzienlijk poortgebouw.
Het kasteel heeft daarna sterk geleden, onder meer door de Franse legers die in 1672 binnenvielen. Deze hadden het kasteel doen opspronghen, zodat het selve casteel niet alleenlijk en is onbewoonbaar, maar geheel ligt in ruwiene. Slechts de neerhof bestond nog, maar deze was heel wankelbaer en slecht. Uiteindelijk waren er geene andere overblijfselen meerder overig als alleen de poort boven welken een kamer is, die tot vergaderplaats der Regenten van 's Graavschap wordt gebruykt ende noch twee torens, mitsgaders de graften. De graaf, Thomas Ignatius van Immerzeel was met zijn vrouw, Magdalena 't Serclaes de Tilly, vertrokken naar het Kasteel van Loon op Zand, alwaar hij ook de heer was. Blijkbaar werden de gebouwen daarna weer hersteld, want in 1702 wordt gemeld dat graaf Charles van Immerzeel met syn persoon, bedienden, paarden en gehelen treyn residentie houdt op het kasteel. Ook in 1794 verbleef de graaf, Anne Lodewijk Alexander de Montmorency, prins van Robecq, op het kasteel. In 1794 echter werd het kasteel, en nu voorgoed, door de Fransen verwoest.
Tegenwoordig resteert van het kasteel slechts nog een deel van de noordelijke buitenmuur van de voorhof. Dit is geklasseerd als rijksmonument. Archeologisch onderzoek bracht de fundamenten van het kasteel aan het licht, maar deze zijn tegenwoordig niet meer zichtbaar. In 1988 en 2001 werden opgravingen uitgevoerd. Daaruit kwam naar voren dat het kasteel gelegen was op een oeverwal die al in de 12e of 13e eeuw was bewoond. Mogelijk heeft op deze plaats al eerder een hoeve gestaan. Verder kwam de bouwgeschiedenis naar voren. De kern van het kasteel was 14e-eeuws, de voorburcht 15e-eeuws en deze werd omstreeks 1500 nog naar het westen uitgebreid en voorzien van een poortgebouw. Er zijn plannen om dit poortgebouw te reconstrueren. De grachten zijn nog gedeeltelijk in het terrein terug te vinden.
Bron: Wikipedia
Ammerzoden - Kasteel Ammersoyen
| |
|
|
|
Kasteel Ammersoyen is een kasteel in Ammerzoden, in de Bommelerwaard in het westen van de Nederlandse provincie Gelderland. Het kasteel ligt ten noorden van de dorpskern en tevens, aangezien het dorp vooral in westelijke richting is uitgebreid, aan de rand van Ammerzoden. Kasteel Ammersoyen heeft in de geschiedenis van Ammerzoden een belangrijke rol gespeeld.
De bouwdatum van het kasteel is onbekend. Maar in het jaar 1026 (21 juli) wordt reeds gesproken over een heerlijkheid in een oorkonde van vrouwe Berta. Rothardus 'de Ambersoi' en zijn broer Wiricus voerden toen het bewind. In een document uit 1196 wordt gesproken van 'Ambershoye'. In 1286 was Johan van Harlaer heer van Ammerzoden. Zijn nakomelingen droegen de heerlijkheid ongeveer een eeuw later over aan Arnold van Hoemen, de heer van Middelaar. De eerste zekere vermelding van het huidige kasteel zelf dateert uit 1354 toen Arent van Ammersoyen het via overerving verwierf.
Het is een van de best bewaarde middeleeuwse waterburchten in Nederland. De oorspronkelijke opzet door een Van Herlaer van omstreeks 1300 is goed behouden, ondanks verbouwingen in de 17e eeuw. Ammersoyen is met zijn vierkante plattegrond met vier hoektorens een voorbeeld van het door graaf Floris V geïntroduceerde kasteeltype. Dit type is wegens de goede verdedigbaarheid vaker toegepast.
In 1876 werd Ammersoyen zo het tweede clarissenklooster in Nederland. Omstreeks 1893 hebben de clarissen de gracht rond het kasteel laten dempen, om zo de aanbouw van een kapel aan de westzijde van het kasteel mogelijk te maken. Door het dempen van de gracht werd een veilige deken uitgespreid over alle voorwerpen die vanaf de 14e eeuw in het water waren beland.
In 1944-1945 liep het kasteel zware oorlogsschade op. De zusters vertrokken hierop naar Hoogcruts.
In 1957 kwam het Kasteel Ammersoyen in bezit van de Stichting Vrienden der Geldersche Kasteelen. In 1959 ging de restauratie van start, die zestien jaar duurde.
Tijdens de restauratie werden niet alleen de middeleeuwse muurtrappen teruggevonden, maar ook lampnissen, schouwen, balkgaten, schietsleuven, een waterput en vele secreten of muur-wc’s. Er waren nog zoveel details aanwezig, dat het mogelijk bleek de middeleeuwse vormen bij de restauratie voorrang te geven. De ridderzaal en de kemenade (het vrouwenvertrek) kregen hun oorspronkelijke verdiepingshoogte terug. In beide vertrekken werd een schouw gereconstrueerd. De 17e-eeuwse trap afkomstig uit de ridderzaal, werd verplaatst naar de hal in de westvleugel. In de 17e-eeuwse schouw in de torenkamer van de noordwestelijke toren keerde na een afwezigheid van 123 jaar het oorspronkelijke schoorsteenstuk terug, dat kon worden aangekocht van de nazaten van Arthur baron de Woëlmont.

















